U bent hier: Home - Risico's - Oplosmiddelen

Printvriendelijke versie

 
 
 

Oplosmiddelen




Werknemers die gebruik maken van lakken, lijmen en beitsen kunnen in aanraking komen met gevaarlijke stoffen (oplosmiddelen). Oplosmiddelen tasten huid, zenuwstelsel en organen aan en kunnen leiden tot eczeem, hoofdpijn, duizeligheid, geheugenverlies, hart- en longklachten en zelfs vruchtbaarheidsproblemen of Organo Psycho Syndroom (OPS). Daarom is het van belang om te kiezen voor minder schadelijke alternatieven en de stoffen op de juiste manier te gebruiken. In lakken, lijmen en beitsen kunnen ook andere gevaarlijke stoffen voorkomen dan oplosmiddelen. Lees hiervoor de Veiligheidsinformatiebladen.


Welke beroepen hebben te maken met oplosmiddelen?
Matrassenmaker-Kernenplakker
Medewerker afmontage extern
Medewerker afmontage intern
Medewerker Technische Dienst-Onderhoudsmonteur
Metaalbewerker
Meubelmaker
Meubelstoffeerder
Plakker-Fineerder-Lamineerder-(Hout)buiger
Spuiter-Afwerker


Wat zegt de wet- en regelgeving?

Kankerverwekkende stoffen

Wettelijke verplichtingen

Arbobesluit: Hoofdstuk 4 afdeling 2
Om de risico's van het werken met kankerverwekkende of mutagene stoffen en kankerverwekkende processen te kunnen inschatten, te vermijden en in elk geval tot een minimum terug te brengen, zijn in het Arbobesluit regels voor het werken met deze stoffen opgenomen. De werkgever is verplicht om alle mogelijke risico’s door arbeid voor werknemers te inventariseren en te beoordelen.

Naast enige algemene voorschriften voor het werken met gevaarlijke stoffen, bevat dit hoofdstuk voorschriften over het werk met kankerverwekkende of mutagene stoffen in het algemeen en met bepaalde kankerverwekkende stoffen, zoals asbest in het bijzonder.

Arbobesluit: Artikel 4.10A Onderzoek
  • Werknemers hebben recht op een arbeidsgezondheidskundig onderzoek voorafgaand aan de werkzaamheden waarbij zij blootgesteld worden aan gevaarlijke stoffen en bij klachten bij een collega die op soortgelijke wijze aan gevaarlijke stoffen is blootgesteld. Op verzoek van werkgever of betrokken werknemer wordt dit onderzoek herhaald.

Arbobesluit: Artikel 4.11 Definities
  • In dit artikel wordt uitgelegd wat wordt verstaan onder kankerverwekkende stof, kankerverwekkend proces e.d.

Arbobesluit: Artikel 4.12 Schakelbepaling
  • Bij werkzaamheden waarbij werknemers blootgesteld (kunnen) worden aan kankerverwekkende of mutagene stoffen, gelden, naast de regelgeving met betrekking tot gevaarlijke stoffen (Arbobesluit, hoofdstuk 4, afdeling 1) , ook deze aanvullende voorschriften kankerverwekkende of mutagene stoffen en processen (Arbobesluit, hoofdstuk 4, afdeling 2).

Arbobesluit: Artikel 4.13 Nadere voorschriften risico-inventarisatie en –evaluatie
  • In de RI&E moet in elk geval worden vastgelegd:
    • met welke kankerverwekkende en mutagene stoffen of processen wordt gewerkt;
    • wat de gevaren van de desbetreffende stof zijn;
    • waarom het gebruik van deze stoffen en processen noodzakelijk is en waarom vervanging technisch niet mogelijk is;
    • op welke afdelingen de stoffen en processen worden gebruikt;
    • in welke hoeveelheden stoffen worden gebruikt of hoe vaak een proces wordt toegepast;
    • hoeveel werknemers ermee in aanraking kunnen komen;
    • welke werkzaamheden met de stoffen worden verricht;
    • hoe de blootstelling kan plaatsvinden;
    • welke beschermende maatregelen zijn getroffen.

Arbobesluit: Artikel 4.15 Lijst van werknemers
  • De werkgever houdt een lijst bij van werknemers die worden of kunnen worden blootgesteld aan kankerverwekkende of mutagene stoffen. De werknemers mogen deze lijst inzien.

Arbobesluit: Artikel 4.16 Grenswaarden
  • De overheid heeft in bijlage XIII van de Arbeidsomstandighedenregeling publieke grenswaarden vastgesteld voor een beperkt aantal chemische stoffen vast. Bijlage XIII A bevat grenswaarden voor ongeveer 120 stoffen (die geen kankerverwekkende stof zijn), bijlage XIII B bevat grenswaarden voor ongeveer 50 kankerverwekkende stoffen. De term MAC-waarden is vervallen. Als er voor een gevaarlijke stof geen grenswaarde is vastgesteld, stelt de werkgever een grenswaarde vast op zodanig niveau dat er geen schade kan ontstaan aan de gezondheid van de werknemer.

Arbobesluit: Artikel 4.17 Voorkomen van blootstelling
  • De vervangingsplicht geldt in alle gevallen waarin met kankerverwekkende of mutagene stoffen en kankerverwekkende processen gewerkt moet worden en staat los van de resultaten van de RI&E. De vervangingsplicht geldt wanneer vervanging technisch uitvoerbaar is, ook al ook al gaan hier meer kosten mee gepaard.

Arbobesluit: Artikel 4.18 Voorkomen of beperken van blootstelling
  • Als vervanging niet mogelijk is, wordt blootstelling, voor zover dit technisch mogelijk is, bij de bron voorkomen of teruggebracht tot een zo laag mogelijk niveau onder de grenswaarde;
  • Als bronmaatregelen niet mogelijk zijn, moet de kankerverwekkende of mutagene stoffen afgevoerd worden waarbij gelijktijdig voldoende toevoer van niet-verontreinigde lucht plaatsvindt;
  • Als blootstelling niet via de lucht plaatsvindt of ventilatie technisch niet mogelijk is, moeten maatregelen getroffen worden gericht op afscherming van de mens van de bron;
  • Als bovenstaande maatregelen niet mogelijk zijn, moet de werkgever persoonlijke beschermingsmiddelen ter beschikking stellen.

Arbobesluit: Artikel 4.19 Beperken van blootstelling
  • In aanvulling op het bovenstaande moet de werkgever ervoor zorgen dat de werknemers voldoende op de hoogte zijn van de risico’s. Verder moet hij gevarenzones markeren en voorkomen dat onbevoegden deze zones betreden. Ook moeten er doeltreffende middelen worden gebruikt voor het veilig opslaan, gebruiken en vervoeren van kankerverwekkende stoffen.

Arbobesluit: Artikel 4.20 Hygiënische beschermingsmaatregelen
  • Bij werkzaamheden met kankerverwekkende stoffen en processen moet de werkgever een zone inrichten waar werknemers zonder gevaar voor blootstelling kunnen eten en drinken. De werknemers krijgen doeltreffende werkkleding ter beschikking gesteld, die op een aparte plaats opgeborgen kan worden. Ook zijn er doelmatige wasgelegenheden en doucheruimten beschikbaar. De werknemers gebruiken, bewaren en reinigen de persoonlijke beschermingsmiddelen volgens instructie.

Arbobesluit: Artikel 4.23 Uitvoering en inhoud van onderzoek
  • Het onderzoek vindt plaats volgens de aanbevelingen van bijlage II van de carcinogenenrichtlijn. De Arbodienst heeft recht op inzage in de lijst blootgestelde werknemers.

Schadelijke stoffen

Wettelijke verplichtingen

Arbobesluit:
In de volgende hoofdstukken van het Arbobesluit staat regelgeving over schadelijke stoffen:
  • Hoofdstuk 4 Gevaarlijke stoffen. Het grootste gedeelte uit dit hoofdstuk is van toepassing op de bouwnijverheid.
  • Hoofdstuk 8 Persoonlijke beschermingsmiddelen en veiligheids- en gezondheidssignalering.

  • In het Arbobesluit zijn voorschriften opgenomen voor de risico-inventarisatie en –evaluatie (RI&E) van gevaarlijke stoffen:

Arbobesluit: Artikel 4.1. Definities (Gevaarlijke stoffen)
  • Gevaarlijke stoffen zijn stoffen, mengsels of oplossingen van stoffen waaraan werknemers blootgesteld (kunnen) worden die vanwege de eigenschappen van of de omstandigheden waaronder die stoffen, mengsels of oplossingen voorkomen gevaar voor de veiligheid of gezondheid kunnen opleveren;
  • De grenswaarde is het uiterste blootstellingniveau aan een gevaarlijke stof in de individuele ademhalingszone van een werknemer gedurende een gespecificeerde referentieperiode;
  • Een ongewilde gebeurtenis is een plotselinge situatie, ongeval, voorval of noodsituatie die gevaar oplevert voor veiligheid en gezondheid van de werknemer of zijn omgeving, en die gelet op de toegepaste stoffen, procedés en maatregelen niet is voorzien.

Arbobesluit: Artikel 4.1B Zorgplicht van de werkgever
  • De werkgever zorgt voor een doeltreffende bescherming van de gezondheid en veiligheid van de werknemer. Dit staat los van de risico-inventarisatie- en evaluatie bedoeld in artikel 5 van de arbowet. Daaraan wordt voldaan door allereerst algemeen preventieve maatregelen te treffen die de risico’s ten gevolge van het werk met gevaarlijke stoffen beperken. In aanvulling daarop treft de werkgever maatregelen voor de nog resterende risico’s op grond van de risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E). Onderdeel daarvan is een beoordeling van de aard, de mate en de duur van de blootstelling. Bij de beoordeling hoort het betrekken van onder andere veiligheidsinformatiebladen en grenswaarden. De blootstelling moet vergeleken worden met de grenswaarde die op een gezondheidskundig veilig niveau is vastgesteld. Indien de blootstelling hoger is dan de grenswaarde moet er een plan van aanpak zijn om de blootstelling met behulp van de maatregelen volgens de arbeidshygiënische strategie (artikel 4.4) te verminderen. De werkgever kan ook een «goede praktijk» toepassen. De onderbouwing van een dergelijke goede praktijk moet het betreffende risico aantoonbaar ondervangen.

Arbobesluit: Artikel 4.1C Beperking van blootstelling
  • Algemene preventieve maatregelen; In dit artikel zijn algemene preventieve maatregelen omschreven die de werkgever in alle gevallen in acht dient te nemen indien arbeid wordt verricht waarbij werknemers kunnen worden blootgesteld aan gevaarlijke stoffen. Deze maatregelen zijn dus niet afhankelijk van de resultaten van de risicobeoordeling op grond van artikel 4.2. In dit artikel wordt onder andere ingegaan op etikettering, ordelijkheid en zindelijkheid, eten en drinken in ruimten waar gevaarlijke stoffen aanwezig zijn.

Arbobesluit: Artikel 4.2 Nadere voorschriften risico-inventarisatie en –evaluatie, beoordelen
  • Als werknemers blootgesteld (kunnen) worden aan gevaarlijke stoffen, moet de werkgever inventariseren:
    • aan welke stoffen werknemers worden blootgesteld;
    • wat de gevaren zijn van deze stoffen;
    • wanneer en hoe de blootstelling kan plaatsvinden;
    • hoe groot de blootstelling is.
  • Voor het vaststellen van blootstellingniveaus wordt gebruik gemaakt van geschikte meet¬methodes of kwantitatieve evaluatiemethodes. Hierbij wordt rekening gehouden met:
    • de veiligheidsinformatiebladen van de leverancier;
    • de omstandigheden tijdens werkzaamheden waarbij gevaarlijke stoffen zijn betrokken (bijvoorbeeld zware lichamelijke inspanning);
    • de redelijkerwijs voorziene gebeurtenissen die kunnen leiden tot toename van de blootstelling (bijvoorbeeld periodiek onderhoud).
  • De inventarisatie wordt regelmatig herzien, in ieder geval bij aanvang van nieuwe werkzaamheden met gevaarlijke stoffen en bij gewijzigde omstandigheden, of als de resultaten van arbeidsgezondheidskundige onderzoeken hier aanleiding toe geven.

Arbobesluit: Artikel 4.2A Nadere voorschriften risico-inventarisatie en –evaluatie, aanvullende registratie
  • Als werknemers blootgesteld kunnen worden aan voor de voortplanting vergiftige stoffen, dan worden met betrekking tot deze stoffen de volgende gegevens in de RI&E vermeld:
    • hoeveelheid die per jaar gebruikt wordt of in opslag aanwezig is;
    • aantal werknemers op de werkplek waar de stof voorkomt;
    • vorm van arbeid die met de stof verricht wordt.

Arbobesluit: Artikel 4.3 Grenswaarden
  • De overheid heeft in bijlage XIII van de Arbeidsomstandighedenregeling publieke grenswaarden vastgesteld voor een beperkt aantal chemische stoffen vast. Bijlage XIII A bevat grenswaarden voor ongeveer 120 stoffen (die geen kankerverwekkende stof zijn), bijlage XIII B bevat grenswaarden voor ongeveer 50 kankerverwekkende stoffen. De term MAC-waarden is vervallen. Als er voor een gevaarlijke stof geen grenswaarde vastgesteld,dan stelt de werkgever een grenswaarde vast op zodanig niveau dat er geen schade kan ontstaan aan de gezondheid van de werknemer.

Arbobesluit: Artikel 4.4 Arbeidshygiënische strategie
  • Om werknemers zo min mogelijk bloot te stellen aan schadelijke stoffen, zijn werkgevers wettelijk verplicht (Arbowet, art. 3, lid 1) maatregelen te treffen. Hierbij moeten zij de volgende volgorde aanhouden:
    • Bronaanpak: pas alternatieve materialen of technieken toe.
    • Afzuiging / ventilatie: werk met bronafzuiging, bronomsluiting en goede ruimteventilatie.
    • Vermijden blootstelling: voer het meest risicovolle werk het eerst uit, of hou het gescheiden van andere werkzaamheden.
    • Als bovenstaande maatregelen onvoldoende resultaat opleveren, moeten persoonlijke beschermingsmiddelen ter beschikking worden gesteld aan werknemers.

Arbobesluit: Artikel 4.5 Ventilatie
  • In geval verontreinigde lucht wordt afgevoerd, moet er gelijktijdig voldoende toevoer zijn van niet-verontreinigde lucht. De verontreinigde lucht mag niet opnieuw ter circulatie worden gebracht.

Arbobesluit: Artikel 4.6 Voorkomen van ongewilde gebeurtenissen
  • De werkgever treft maatregelen om ongewilde gebeurtenissen met gevaarlijke stoffen zoveel mogelijk te voorkomen. Met name worden maatregelen getroffen om:
    • de aanwezigheid van gevaarlijke concentraties van ontvlambare stoffen of gevaarlijke hoeveelheden chemisch onstabiele stoffen op de werkplek te voorkomen of, wanneer dit niet mogelijk is;
    • ervoor te zorgen dat er geen ontbrandingsbronnen aanwezig zijn die brand en explosies kunnen veroorzaken, en;
    • de schadelijke gevolgen als gevolg van brand en explosies te verminderen.
  • De maatregelen zijn afgestemd op de activiteiten, waaronder ook opslag, behandeling en scheiding van onverenigbare schadelijke stoffen.

Arbobesluit: Artikel 4.7 Maatregelen bij ongewilde gebeurtenissen
  • Op grond van dit artikel dienen er maatregelen te worden getroffen om de gevolgen van een onverhoopt plaatsgevonden incident te beperken. Het gaat hierbij om situaties waarmee bij de beoordeling geen rekening kon worden gehouden en waaromtrent niet bij voorbaat maatregelen konden worden getroffen als bedoeld in artikel 4.1c (algemene preventieve maatregelen) of artikel 4.6 (voorkomen van ongewilde gebeurtenissen).

Arbobesluit: Artikel 4.10A Onderzoek
  • Werknemers hebben recht op een arbeidsgezondheidskundig onderzoek voorafgaand aan de werkzaamheden waarbij zij blootgesteld worden aan gevaarlijke stoffen en bij klachten bij een collega die op soortgelijke wijze aan gevaarlijke stoffen is blootgesteld. Op verzoek van werkgever of betrokken werknemer wordt dit onderzoek herhaald.

Arbobesluit: Artikel 4.62B Voorkomen van blootstelling
  • Het gevaar van blootstelling van werknemers aan vluchtige organische stoffen (oplosmiddelen) wordt zoveel mogelijk voorkomen door deze stoffen te vervangen door onschadelijke of minder schadelijke stoffen of door oplosmiddelhoudende producten te vervangen door bij ministeriële regeling ten aanzien van die werkzaamheden aangewezen producten.

Meer informatie:

 
 
 

< terug naar vorige pagina