U bent hier: Home - Beroepen - Spuiter-afwerker - Oplosmiddelen

Printvriendelijke versie

 
 

Te nemen maatregelen:

 

 

Bronmaatregelen

  • Verstrek verven en lakken met zo min mogelijk schadelijke stoffen. (Zie vervangingsmodel).
  • Verstrek schoonmaakmiddelen met een zo laag mogelijk VOS-aandeel.
  • Overweeg het gebruik van materiaal dat is afgewerkt met een grondlakfolie.
  • Overweeg het gebruik van lak- en verfwalsen of dompelbaden.

 

Collectieve maatregelen

  • Er moet worden gezorgd voor voldoende afzuiging in de spuitcabine.
  • Er dient te worden gezorgd voor een opstelling waarbij het te spuiten werkstuk tussen spuiter/afwerker en afzuigwand staat.
  • Er dient te worden gezorgd voor een opstelling waarbij de spuiter/afwerker niet tussen gerede producten en de afzuigwand staat.
  • Er moet worden gezorgd voor een geventileerde droogruimte.
  • Het is belangrijk om spuitgereedschap met een zo laag mogelijke overspray beschikbaar te stellen. Bijvoorbeeld hoogrendementsspuitapparatuur, airless- of airmix-spuitapparatuur of elektrostatisch spuiten (circa 10-20% minder overspray).
  • Er moet spuitapparatuur worden verstrekt die eenvoudig schoon te maken is.
  • Er moeten spuitpistoolreinigingsmachine worden verstrekt om handmatig schoonmaken te voorkomen.
  • Er dienen gelaatsmaskers (filtertype A, AX en P of overdrukkappen), handschoenen, veiligheidsbrillen en overalls te worden verstrekt.
  • Laat lege blikken voor de spuitwand uitlekken. Wanneer de lak niet meer gebruikt gaat worden, de lak als chemisch afval afvoeren of indien mogelijk terug naar de leverancier.
  • Er dient voor te worden gezorgd dat de afmetingen van het te behandelen object en de afzuiging op elkaar afgestemd zijn.
  • Gezorgd moet worden dat de applicatiemethode op de te spuiten lijm of lak en het object is afgestemd.
  • Als het mogelijk is, moet  'hoogrendement'-apparatuur worden gebruikt waarbij minder overspray ontstaat of spuitnevel optreedt.
  • De juiste filters moeten worden gebruikt. Deze dienen te worden vervangen indien vervuiling optreedt. Overleg met de leverancier van de spuitcabine welk filterpakket gebruikt moet worden en hoe vaak dit moet worden vervangen.
  • Er moet (vooral in kleinere ruimtes) voor een gerichte verse luchttoevoer (push-pull) worden gezorgd.
  • Regelmatig onderhoud van de luchthuishoudingapparatuur (filters, kanalen, ventilatoren) is essentieel.
  • De luchtsnelheid op de plaats waar het object behandeld wordt, moet regelmatig worden gecontroleerd.
  • Indirecte blootstelling aan oplosmiddelen dient te worden voorkomen door in een aparte droogruimte (scheiding mens-bron) objecten te laten drogen (uitdampen).
  • De VIB’s (Veiligheidsinformatiebladen) moeten voor alle medewerkers beschikbaar zijn.

 

Individuele maatregelen

  • Voorkom overspray. Gebruik daarom de juiste nozzle en een lage spuitdruk. Maak korte en strakke spuitbewegingen.
  • Uit alle werkstukken en onderdelen waar lak op zit die niet is gedroogd, komen oplosmiddelen vrij. Zet ze daarom zo weg dat je niet tussen deze werkstukken en de afzuigwand staat.
  • Bereid zoveel lak of verf voor als gebruikt wordt. Let hierbij op de verwerkingstijd. Te vaak opnieuw aanmaken leidt tot grotere blootstelling, te veel aanmaken tot te veel afvoeren. Maak de verf aan voor de spuitwand.
  • Verwijder zo veel mogelijk verf en lak uit de spuit en andere apparatuur voordat deze worden schoongemaakt.
  • Gebruik zo min mogelijk schoonmaakmiddel.
  • Voorkom indrogen van de lak of verf in de spuit en andere apparatuur. Je hoeft dan minder schoonmaakmiddelen te gebruiken.
  • Ga bij het schoonmaken van de spuit en andere apparatuur niet tussen de spuit en de afzuigwand staan.
  • Sluit blikken met verf of beits wanneer deze niet gebruikt worden.
  • Voorkom dat gebruikte doeken of ander afval kunnen uitdampen. Gooi ze na gebruik direct weg of bewaar ze in afsluitbare blikken of verpakkingen.
  • Dek dompelbaden af na gebruik om uitdampen te voorkomen.
  • Houd lijm- en lakblikken schoon en zorg dat de etiketten met gevarensymbolen leesbaar blijven.
  • Lees VIB’s (Veiligheidsinformatiebladen) voor de risico’s en gebruiksvoorschriften van de verven en lakken die gebruikt worden en bestudeer de gevarensymbolen, R- en S-zinnen. Gebruik ademhalingsbescherming (een (half-)gelaatsmasker met filtertypen A, AX en P of een overdrukkap).
  • Gebruik een veiligheidsbril.
  • Gebruik handschoenen. In het veiligheidsinformatieblad dat bij de gebruikte verf is geleverd staat welk type handschoenen moet worden gebruikt.
  • Gebruik een overall.
  • Gebruik ook bij het schoonmaken ademhalingsbescherming, handschoenen en veiligheidsbril.

 

Hulpmiddelen

  • Spuitpistoolreinigingsmachine.
  • Ademhalingsbescherming (een (half-)gelaatsmasker met filtertypen A, AX en P of een overdrukkap).
  • Handschoenen. In het veiligheidsinformatieblad dat bij de gebruikte verf is geleverd staat welk type handschoenen moet worden gebruikt.
  • Veiligheidsbril.
  • Overall.

 

Meer informatie

  • Arbo-informatieblad AI 19 industriële verfverwerking, SDU, Postbus 20014, 2500 EA Den Haag
  • VIB’s (Veiligheidsinformatiebladen) De leverancier is verplicht deze bij elke eerste levering van een product te verstrekken.
  • 11 slimme tips.
  • Brochure Oplosmiddelen.

 

 

 

 



 
 
 

< terug naar vorige pagina